De toekomst van winkelgebieden

Retail is belangrijk voor de economie. Met een omzet van ca. 96 miljard euro (bron: detailhandel.nl) en als grootste particuliere werkgever: 11% van de Nederlanders werkt in de detailhandel (bron: UWV). Veel pensioen- en beleggingsfondsen beleggen in retail bedrijven maar ook in het vastgoed van winkelcentra.

Retail is niet afhankelijk van de overheid van financiële steun maar wordt wel in beïnvloed door een breed scala van beleid en regelgeving.

Dit is een spannende – en vluchtige – tijd voor de detailhandel. Er is een moeilijk economisch klimaat (de laatste jaren staat de omzet flink onder druk) en er zijn fundamentele verschuivingen in de retailer / klant relatie (showrooming, consuminderen, contact met de klant) en de concurrentie met pure internetplayers is groot.

De traditionele businessmodellen gebaseerd op fysieke, bakstenen en mortel winkels evolueren. Steeds meer retailers passen ‘multichannel’ verkoop toe: het integreren van verschillende verkoopkanalen zodanig dat de mogelijkheden die een klant heeft om te surfen, te kopen en te leveren wordt vergroot.

De populariteit en groei van het internetshoppen en het mobiele gebruik heeft grote gevolgen op de winkelcentra. In veel gevallen vermindering van het aantal fysieke winkels? Of het veranderen van het gebruik van hoe we gebruik maken van de bestaande ruimte. Het is ook het creëren van een behoefte aan nieuwe en andere retail. De beleving (customer experience) op winkel-, straat- en winkelcentraniveau blijft echter het meest vitale ding om goed te krijgen. En dan niet alleen de fysieke omgeving maar ook de virtuele (online) omgeving.

Wat brengt de toekomst voor de winkelgebieden? Met zijn allen zullen we altijd de behoefte hebben om te blijven winkelen. De detailhandel zal zich blijvend aanpassen en evolueren om aan deze behoefte te voldoen. Hoe ziet dat eruit?

Een strategie voor winkelgebieden
Strategisch zullen retailers, vastgoedeigenaren en gemeenten blijvend moeten samenwerken om de klantbeleving op orde te brengen en te houden.

1. Identiteit en beleving
Het belangrijkste onderdeel is identiteit. Op welk niveau bevindt zich de winkelcentra? Wijkniveau (de wijkcentra), stadsniveau (Lelystad) of bovenregionaal niveau (bijv, Amersfoort) of heeft het winkelgebied landelijke uitstraling (Amsterdam en bijv. BataviaStad). Welke identiteit past daar bij?

Welke beleving wordt daar bij aangeboden? De belevenisvolle momenten dragen bij aan de identiteit van het gebied.

2. Diversiteit winkelaanbod en aanpak leegstand
De compleetheid van het winkelaanbod is een belangrijke reden dat mensen kiezen voor een bepaald winkelgebied. Mocht dit onvoldoende zijn dan moeten vastgoedeigenaren meewerken aan pop-up stores en shop-in-shop om het aanbod te vergroten.

Uit onderzoek blijkt dat een kwart van de consumenten winkelcentra mijdt vanwege leegstand (bron: multiscope). De aanpak van de leegstand (voorkomen, behandelen en genezen) draagt daar in belangrijke mate bij.

3. Mutichannel strategie
Consumenten (ook ouderen) omarmen nieuwe technologieën. Dat heeft onder andere tot gevolg dat ze meer en meer online shoppen. In de huidige retailmarkt vindt 83% van de omzet nog offline plaats. Consumenten verwachten dat dat in 2020 terug is gelopen naar 48%. Experts zijn wat gematigder en denken dat het in de nabije toekomst zal gaan om 36%.

Hoe dan ook, het online shoppen heeft invloed op het winkelen. Welke maatregelen kan je als winkelgebied nemen?
– Online bestellen en via bezorg- of afhaalservice kunnen klanten de producten makkelijk bij de winkel afhalen of worden ze netjes thuis bezorgd.
– Een gezamenlijke website of app met info over de winkels, openingstijden, lokale aanbiedingen, plattegrond, evenementen en services.
– Een gezamenlijke website of app met een webshop met alle ondernemers.
– Gezamenlijke communicatie middels nieuwe media zoals facebook, twitter en email en oude media zoals folders, advertenties.

Over Peter – Peter Krol is een veelzijdige Vastgoedontwikkelaar met ruim 17 jaar ervaring in de ontwikkeling en realisatie van commercieel en maatschappelijk vastgoed en woningbouw. Hij is gewend een leidende – en pioniersrol in projecten te vervullen en is zeer actief op het gebied van conceptontwikkeling, marketing en communicatie en het vinden en verbinden van partners en gebruikers aan vastgoed.

Advertenties

2 Reacties op “De toekomst van winkelgebieden

  1. Bart van der Kolk

    Neem een mediaal winkelgebied in een middelgrote stad, er zijn de gebruikelijke grootwinkelbedrijven, zo’n 20 merken in Nederland, en er zijn plaatselijke ondernemers. Bij de laatste zit het probleem: geen website, laat staan online bestellen of mailen over producten, geen afstemming onderling, en geen of weinig kijk op nieuwe ontwikkelingen. Voor bijv. een vaste standplaatshouder op een weekmarkt niet onoverkomelijk (mits hij goede producten levert!), voor een vast gevestigde ondernemer met dure huisvesting zeker een probleem! De oplossing is niet echt moeilijk.
    Geef ondernemers in hetzelfde winkelareaal (in Lelystad het stadscentrum in dit voorbeeld) een gemeenschappelijke website, met ieder een eigen sub-pagina met tenminste een tel.nummer, branche, en een overzicht van openingstijden, producten en aanbiedingen. En laat kleine ondernemers uitblinken in service: terugbellen/mailen, sms ‘en ! wanneer iets gereed of leverbaar is, is het minste. En als zich meerdere ondernemers aansluiten bij zo’n service zou je kunnen gaan denken aan een gemeenschappelijke verzend/bezorgservice. De pizzakoerier wist dit al jaren! En verder kan ik mij voorstellen dat ondernemers zich veel beter gaan presenteren, ook zonder winkeliersvereniging, al is dat wel nuttig voor de coördinatie. En gezamelijk optreden tegen vastgoedeigenaren met exorbitante huurverhogingen is ook niet weg.. Het gaat niet om de leuke kerstverlichting in de winkelstraat, het gaat om de totaalbeleving: service, leuke winkelaankleding, heldere productpresentatie, uitnodigend winkelgebied en samenhang in diversiteit van de detailhandel: een straat met ‘vanalleswat’ maar zonder ‘trekkers’ wordt nooit wat: Dat ken ik van de Haarlemmerstraat in A’dam, ooit een straat waar je zo snel mogelijk weer weg wilde, nu een topper van een leuke winkelstraat! Een straatmanager van formaat en wat goede wil van de gemeente was voldoende…
    Groeten, Bart van der Kolk
    ex-raadslid, zelfstandige

  2. Bart van der Kolk

    De ‘pop-up store’ als redding van het winkelgebied?
    Het fenomeen ‘pop-up store’ heeft ook in Lelystad z’n intrede gedaan: twee aardige voorbeelden zijn de ‘duurzaamheidswinkel’ in het oude postkantoor, met gemeente subsidie in ieder geval voor 1 jaar, en de ‘Wisselwinkel’ een initiatief van GroenLinks, eerst vooral bedoeld (2 maanden)in het kader van de verkiezingen, vervolgens omarmd door diverse belangengroepen en andere politieke partijen, vanwege de Europese verkiezingen. En eerder waren er natuurlijk al kunsttentoonstellingen en een ‘bazaar’ in langdurig leegstaande winkelpanden. Prima initiatieven! Wat kan zo’n pop-up store bijdragen aan een plezierige beleving van het stadshart? Het antwoord is : veel, want leegstand is de grootste vijand van het winkelend publiek, zo blijkt uit onderzoek. Twee leegstaande etalages kunnen de doodklap zijn voor een aardige winkelstraat. Dichtplakken met reclame heeft zeer weinig effect. Voor de verhuurder gelden andere regels als voor de huurder en de gemeente (als die geen mede-eigenaar is). De verhuurder/ vastgoedeigenaar kijkt uitsluitend naar langetermijn rendement. Het zijn vaak logge beleggingsinstellingen die een 10-jaars rendement voor ogen hebben. Het is bijna onmogelijk om een winkelruimte voor 1 of 2 jaar te huren, laat staan per 3 maanden of dergelijke contracten. Pas als een belegger doorheeft dat het goed fout zit met zijn onroerend goed: winkel/vastgoedbezit qua verhuur en rendement is hij bereid concessies te doen. Zo is de trend in Nederland. Bijzonder onverstandig! Bij deze wil ik een pleidooi houden om vastgoedeigenaren/institutionele beleggers en projectontwikkelaars te bewegen tot meer flexibiliteit als het gaat om tijdelijke projecten in winkelgebieden: het levert meer omzet in aanpalende winkels op, het trekt aantoonbaar meer winkelpubliek, en het zorgt ervoor dat ondernemers in het gebied meer zekerheid qua huur genereren. Ook is gebleken hoe ingewikkeld het is om een eigenaar van een leegstaand pand te spreken te krijgen, dat gaat via makelaars en vervolgens via de ‘vastgoedportefeuilehouder’ van de belegger. Niet echt een snelle methode om een leuk initiatief van de grond te krijgen… Maar uiteindelijk betaalt de belegger via de leegstand het gelag: een dode binnenstad. Ik hoop dat het niet zover komt! Het mag niet zo zijn dat de Gemeente het gelag betaalt voor de onwillige belegger, er worden al zeer grote concessies aan beleggers/vastgoedeigenaren gedaan in tijden van recessie! Ik denk aan ontwikkeling van het winkelgebied, infrastructuur en facilitering van veel zaken. Dat moet genoeg zijn om de grote vastgoedinvesteerders te bewegen tot relatief kleine genoegdoeningen: kortlopende contracten en open staan voor leuke initiatieven!
    (toevoeging op eerdere post)
    Bart

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s